HECHTING
We weten dat jullie, net zoals wij, hebben uitgezien naar de komst van ons kindje. Om Lerato een zekere en vaste thuisbasis te kunnen geven, vooral ook op latere leeftijd, willen wij jullie vragen deze pagina met aandacht te lezen, voornamelijk ook om vervelende situaties en misverstanden te voorkomen!
Algemene informatie m.b.t. hechting Veilige hechting Voor elk kind in de eerste levensfasen is het kunnen aangaan van een gehechtheidrelatie een van de belangrijkste opgaven. Een veilige hechting kan ontstaan als het kind op zijn vaste verzorgers kan rekenen en deze zijn aanwezig als het kind hen nodig heeft. Een kind voelt zich op zijn gemak in aanwezigheid van ouders of vaste verzorgers, durft op onderzoek uit te gaan en te gaan spelen en zal troost en bescherming zoeken bij de vaste verzorgers als het zich bedreigt of alleen gelaten voelt. Vanuit deze basis kan het een sterke 'ik' ontwikkelen. Veilig gehechte kinderen ontwikkelen zich beter dan onveilig gehechte kinderen, ze durven de wereld te gaan verkennen, kunnen prettig met leeftijdsgenootjes en volwassenen omgaan en durven hun emoties en angsten te tonen in situaties waarin ze zich onveilig voelen. Veilig gehechte kinderen ontwikkelen eerder een positief zelfbeeld. Ook voor verdere relaties in het leven is een veilige hechting van groot belang. Wanneer je als kind ervaren hebt dat je op anderen kunt vertrouwen en daardoor zelfvertrouwen hebt kunnen opbouwen, zul je op latere leeftijd gemakkelijker prettige, langdurige relaties kunnen aangaan.
Onveilige hechting Onveilige hechting ontstaat wanneer het kind niet altijd van zijn verzorgers op aan kan. Te weinig aandacht en zorg in de vroege kinderjaren kunnen de basisveiligheid en het basisvertrouwen van het kind in de weg staan; het zal zich niet veilig kunnen voelen en minder vertrouwen in verzorgers krijgen en zich minder of angstig gaan hechten. Een onveilige hechting kan op verschillende manieren tot uiting komen.
Klampgedrag Sommige kinderen voelen zich zo onveilig dat ze hun ouders of verzorgers niet durven loslaten uit angst deze te verliezen; ze vertrouwen er niet op dat de ouder weer terug zal komen. Ze maken geen contact met andere kinderen of volwassenen en klampen zich soms letterlijk vast aan ouder of verzorger en lopen deze de hele dag achterna.
Allemansvriendje Andere kinderen gaan alleen maar oppervlakkige contacten aan omdat ze zich onveilig voelen. Ze maken wel gemakkelijk contact met iedereen, maar maken daarin geen onderscheid tussen buurvrouw of ouders; ze kunnen geen intieme relaties aangaan. Deze kinderen durven geen nabijheid te zoeken, zijn niet gewend om getroost of aangehaald te worden en zullen dit ook steeds proberen te vermijden. Ze durven hun gevoel niet te laten zien en sluiten zich hiervoor af door hard te zijn voor zichzelf en hun omgeving. Deze kinderen lijken heel zelfstandig, maar dit is schijnzelfstandigheid gebaseerd op angst.
Wat betekent dat voor ons en onze omgeving? Zoals iedereen zal begrijpen, komt er bij de opvoeding van adoptiekinderen iets meer kijken dan bij die van biologisch eigen kinderen. Adoptie is in die zin bijzonder, dat er o.a. niet vanzelf een hechte band is tussen het kind en de ouders. Dit in tegenstelling tot de situatie waarin er een biologisch eigen kind geboren wordt. De band moet groeien, met andere woorden, Lerato moet leren hechten en dus op een kunstmatige manier éénkennig worden. Dit is een proces dat veel tijd kost en waarbij wij én anderen in de omgeving van Lerato heel veel kunnen betekenen.
Heel concreet betekent dit dat het in de eerste periode na onze thuiskomst het van groot belang is dat onze omgeving rekening houdt met onderstaande. In de eerste paar maanden (in het leven) van een kind wordt de basis gelegd voor het verdere leven. Veel adoptiekinderen hebben in de eerste maanden of jaren van hun leven te maken gehad met veel verschillende verzorgers, die allemaal andere eisen aan hen stelden of met een onvoorspelbare verzorger die de ene keer wél aanwezig was en aandacht voor het kind had en de andere keer niet.
Adoptiekinderen hebben daardoor vaak al meerdere keren geprobeerd zich te hechten aan één of meerdere verzorgers, maar voelden zich steeds weer in de steek gelaten. Eerst door de biologische moeder die niet voor het kind kon zorgen, daarna door verschillende verzorgers in een kindertehuis. Wanneer Lerato geen kans heeft gehad om zich goed te hechten aan de verzorger, is het voor haar heel moeilijk om zich wél goed te gaan hechten aan haar ouders. Wij zien er voor haar vreemd uit, ruiken vreemd, praten raar en doen alles anders dan Lerato gewend was. Vaak wist ze in het kindertehuis op welke manier ze kon krijgen wat ze nodig had (gillen om aandacht, eten, etc: 'overlevingsgedrag'), terwijl dit gedrag bij ons ineens niet meer nodig is en niet geaccepteerd wordt. Sommige kinderen zijn niets gewend en voor hen is alles wat er gebeurt na de adoptie nieuw, vreemd en beangstigend. Dit betekent niet dat alle adoptiekinderen onveilig gehecht zijn. Wél is het zo dat voor de meeste geldt, dat vanwege hun achtergrond de hechting niet optimaal heeft kunnen verlopen.
Adoptiekinderen die wél veilig gehecht zijn geweest aan hun verzorgers in het land van herkomst, zullen een rouwperiode doormaken in de eerste periode na thuiskomst. Dit is een heel logische en gezonde reactie op het verlies dat ze meegemaakt hebben, hoe jong ook. Ook deze kinderen moeten zich na de adoptie opnieuw gaan hechten, namelijk aan de adoptie-ouders, maar voor hen zal dat gemakkelijker zijn dan voor de kinderen die zich in het verleden nooit goed hebben kunnen hechten.
Om de hechting van Lerato goed op gang te brengen zijn een aantal aandachtspunten. De eerste periode na thuiskomst willen wij een periode van rust inbouwen, waarin zowel wij als Lerato kunnen wennen aan de nieuwe situatie. Lerato zal moeten leren onderscheid te maken tussen wie haar ouders zijn, en wie de familie, vrienden en bekenden. Daarom is het belangrijk in de eerste periode weinig bezoek te ontvangen. We moeten laten zien dat we er voortdurend zijn voor haar en dat wij degenen zijn waarop zij altijd kan rekenen, dat wij te vertrouwen zijn en dat zij zich bij ons veilig mag gaan voelen.
Dit is alleen mogelijk door Lerato in de eerste periode volledig zelf te verzorgen, alle aandacht en liefde te geven, te troosten, etc.
Hoe kunnen jullie helpen te leren dat wij de ouders zijn? * door de eerste maanden afstand te houden * Lerato niet op schoot te nemen of op te tillen * geef het zelf niets!
Mocht je een cadeautje hebben, of zij wil bijvoorbeeld een koekje, geef dit dan aan ons, haar vader of moeder, zodat wij het kunnen geven. Zo leert Lerato dat ze bij ons hoort en dat wij er altijd voor haar zullen zijn. Als Lerato niet leert om een vertrouwensband met ons aan te gaan, kan dit voor haar grote negatieve gevolgen hebben op latere leeftijd.
Hoewel deze 'regels' natuurlijk niet leuk zijn voor familie, vrienden en kennissen, is het erg belangrijk voor de toekomst van Lerato én onszelf dat iedereen zich daar zo veel mogelijk aan zal houden. Hoe lang dit alles nodig is, is natuurlijk van te voren niet te zeggen, dit hangt af van de ontwikkeling van Lerato. We rekenen op jullie begrip en medewerking, ter wille van de toekomst van onze lieve Lerato.
Bedankt!
TERUG
|